Jolles & Ko Accountants
Vatko Tax Representation
Dig@Min
Home » Direct » Nieuws » Eindejaarstips 2014-2015

Eindejaarstips 2014-2015

1)      Eindejaarsgeschenk/Kerstpakket:

Indien u in het jaar 2014 niet gekozen heeft voor de werkkostenregeling (WKR) kunt u alleen dit jaar nog gebruik maken van het verlaagde eindheffingstarief van 20% voor een geschenk van maximaal € 70,00 per werknemer.

Wanneer u een geschenk (pakket of cadeaubon) geeft met een waarde in het economische verkeer van maximaal € 70,-- (inclusief BTW), dan mag u gebruik maken van het verlaagde eindheffingtarief. Dit betekent dat u in dat geval 20% eindheffing dient af te dragen over de waarde van het geschenk. Voorbeeld: Een geschenk van € 70,-- betekent een loonheffingafdracht van € 14,--.

Als de waarde van het geschenk in het economische verkeer per werknemer meer dan € 70,-- bedraagt, maar minder dan € 136,-- per verstrekking en in totaal maximaal per jaar € 272,-- per werknemer, dan dient u tegen het gebruteerde tabeltarief eindheffing toe te passen. Het gebruteerde tabeltarief eindheffing is afhankelijk van het fiscaal loon van de werknemer en kan variëren tussen 56,8% (fiscaal loon van € 5.802,-- tot € 19.645,--) en 108,30% (fiscaal loon vanaf € 56.532,--)

 

2)      Werkkostenregeling:

Met ingang van 1 januari 2011 is de werkkostenregeling (WKR) geïntroduceerd. In deze regeling is overeengekomen dat gedurende de jaren 2011 tot en met 2013 een overgangsregeling in de vorm van keuzerecht voor de werkgever bestond. De werkgever mocht in deze jaren, jaarlijks bepalen of hij gebruik wilde maken van de op dat moment bestaande 29 verschillende categorieën vergoedingen/verstrekkingen voor werknemers of dat de werkgever de keuze maakte de werkkostenregeling toe te passen. Dat betekende dat een vast percentage (2013:1,5%) van de fiscale loonsom besteed mocht worden aan onbelaste vergoedingen/verstrekkingen aan werknemers. In het jaar 2013 is besloten om de keuzeregeling met 1 jaar te verlengen tot 1 januari 2015 en in het jaar 2014 de werkkostenregeling op het aantal onderdelen te gaan vereenvoudigen. Dit heeft concreet geresulteerd in de volgende aanpassingen met ingang van 1 januari 2015.

 

  • Invoering noodzakelijkheidscriterium voor computers, gereedschappen en mobiele communicatiemiddelen. De werkgever bepaalt in eerste instantie of de aankoop van bovengenoemde apparatuur noodzakelijk is voor de uitvoering van de functie van de werknemer.
  • Het handhaven van een deel van de regeling producten uit eigen bedrijf. Dit betekent dat een werkgever de werknemer jaarlijks een korting mag verstrekken van maximaal 20% van de economische waarde van het product uit eigen bedrijf tot een jaarlijks bedrag van maximaal € 500,--. In de vorige regeling was de mogelijkheid om niet bestede ruimte uit de twee voorgaande jaren te gebruiken bij de aankoop. Deze mogelijkheid komt met ingang van 1 januari 2015 te vervallen.
  • Jaarafrekensystematiek: Tot en met het jaar 2014 dient u maandelijks te controleren en te registreren of u binnen het tot dan beschikbare onbelaste WKR-budget blijft. Bij overschrijding van de ruimte op dat moment dient u bij de aangifte loonheffingen van de betreffende maand over het meerdere 80% eindheffing af te dragen. Met ingang van het jaar 2015 kunt u ook kiezen voor de jaarafrekensystematiek. Dit betekent dat u na afloop van het jaar vaststelt of u binnen de WKR-ruimte bent te gebleven of dat u over het meerdere 80% eindheffing dient af te dragen. Indien er eindheffing van toepassing is kunt u dat in de eerste reguliere aangiftetermijn van het opvolgende jaar verwerken. Dit betekent bij maandaangifte dat de overschrijding van het WKR-budget 2015 als eindheffing (80%) bij de aangifte loonheffingen januari 2016 verwerkt dient te worden.

 Met name de twee eerstgenoemde aanpassingen (het noodzakelijkheidscriterium en het handhaven producten uit eigen bedrijf) hebben wel tot gevolg dat de WKR-ruimte voor het jaar 2015 wordt verlaagd tot 1,2% (was 1,5% in 2014).

 

3)      Wet Werk en Zekerheid:

Naast de werkkostenregeling die voor iedere werkgever in Nederland van toepassing wordt, staan er op het gebied van arbeidsrecht en sociale zekerheid ook ingrijpende wijzigingen op stapel. Deze wijzigingen zullen in een drietal stappen worden doorgevoerd. Een aantal belangrijke termen die door de wijzigingen in het arbeidsrecht en de sociale zekerheid worden geïntroduceerd zijn de aanzegtermijn en de transitievergoeding.

 

4)      Wijziging gebruikelijk loon Directeur grootaandeelhouder (DGA):

 De gebruikelijk loonregeling voor de DGA wordt mogelijk volgend jaar aangescherpt. De aanpassingen zijn op 13 november jl. door de tweede kamer aangenomen. De eerste kamer dient nog met dit plan in te stemmen. Het betreft de volgende aanpassingen:

  • De term: “Soortgelijke dienstbetrekking” is vervangen door “meest vergelijkbare dienstbetrekking”. Het lijkt misschien een detail aanpassing, maar niets is minder waar. De Belastingdienst kan hierdoor veel eerder een vergelijk maken tussen uw salaris als DGA en een meest vergelijkbare dienstbetrekking.  
  • Daarnaast wordt de doelmatigheidsmarge verlaagd van 30% tot 25%. Voorheen mocht u als DGA een salaris hanteren dat gebaseerd was op 70% van een marktconform salaris van een soortgelijke functie. Dit percentage is verhoogd tot 75%.

 U dient als DGA uw loon dus met ingang van 1 januari 2015 aan strengere eisen te toetsen.

  • 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking
  • Het hoogste loon van de andere werknemers die bij in dienst zijn bij uw onderneming of een verbonden vennootschap.
  • Gebruikelijk loon DGA van € 44.000,--.

U dient het hoogste loon van deze drie genoemde mogelijkheden te verlonen.

 

5)      Percentages bijtelling privé gebruik auto van de zaak & Neerwaartse bijstelling CO2-Grenzen zuinige en zeer zuinige auto’s

Voor het jaar 2014 zijn er zes verschillende percentages bijtelling mogelijk. Daarnaast zijn de CO2 grenzen voor benzine- en dieselauto’s vanaf het jaar 2015 gelijk. De neerwaartse bijstelling in de CO2 grenzen voor zuinige en zeer zuinige auto’s wordt in het jaar 2015 wederom verder aangescherpt. Dit betekent dat met ingang van deze datum de zuinige en zeer zuinige auto’s een lagere CO2- uitstoot dienen te produceren om in aanmerking te komen voor de verlaagde bijtelling van 4%, 7%, 14% of 20%. De 0% bijtelling is met ingang van

1 januari 2014 vervallen. De bijtelling voor auto's met een CO2 uitstoot van 0 gram per km bedraagt 4%.

Onderstaand volgt een onderverdeling per categorie.

CO2 Grenzen: Vanaf 1 januari 2015

Percentage     CO2 uitstoot                                     

Bijtelling         Diesel- en benzineauto’s

 

4%                  Auto’s zonder uitstoot, Elektrische auto’s

7%                   Auto’s tussen 1 en 50 gram per km CO2 – uitstoot, Elektrische auto’s

14%                Tussen 51 en 82 gram per km  

20%                Tussen 83 en 110 gram per km         

25%                Meer dan 110 gram per km               

35%                Auto’s van 15 jaar en ouder. (35% van de economische waarde)

 

6)      Wijzigingen inkomensafhankelijke arbeidskorting

Maximale arbeidskorting wordt in 2015 verhoogd tot € 2.220,--. (2014: € 2.103,--) De maximale arbeidskorting voor werknemers met lage inkomens neemt de komende jaren toe. De arbeidskorting voor inkomens tussen € 49.900,-- en € 100.800,-- wordt naar rato van het inkomen afgebouwd tot minimaal € 184,00 in 2015.

 

7)      Wijzigingen inkomensafhankelijke algemene heffingskorting

Met ingang van 1 januari 2014 is de algemene heffingskorting ook inkomensafhankelijk net als de arbeidskorting. U heeft wellicht onlangs in het nieuws vernomen dat dit tot ruim

5 miljoen “naheffingen” kan leiden, doordat deze wetswijziging niet meer tijdig in de IB-schijven 2014 verwerkt kon worden. Daardoor kon hiermee geen rekening worden gehouden in de salarisverwerkingen over het jaar 2014.

Het bedrag dat u minder aan inkomstenbelasting terugkrijgt of meer dient af te dragen zal maximaal € 737,00 kunnen bedragen.

 

8)      Wijziging premiekorting in dienst nemen oudere werknemer

Indien u een “oudere” werknemer (vanaf 56 jaar) in dienst neemt die uit een uitkeringssituatie komt (zoals de WW) heeft u mogelijk het recht om gedurende drie jaar een premiekorting van maximaal € 7.000,-- per jaar toe te passen. Tot en met het jaar 2014 lag de grens bij 50 jaar of ouder. Met ingang van 1 januari 2015 wordt deze leeftijdsgrens verhoogd tot 56 jaar. De reeds voor 1 januari 2015 van toepassing zijnde premiekortingen voor oudere werknemers worden wel gerespecteerd en mogen worden toegepast tot 3 jaar na indiensttreding.

Daarnaast is het met ingang van 1 januari 2015 verplicht om als werkgever een doelgroepverklaring van het UWV in bezit te hebben, die verklaart dat de betreffende werknemer direct voorafgaand aan de indiensttreding bij u als werkgever een uitkering had.

 

9)      Herintroductie afkoop Levensloop – 80% regeling

In het jaar 2013 bestond eenmalig de mogelijkheid om de levensloopregeling die u had, fiscaal gunstig te laten uitbetalen. Dit betekende dat u het op de levensloopregeling opgebouwde saldo per 31 december 2011 kon laten uitkeren, waarbij 20% was vrijgesteld en over 80% loonbelastingheffing van toepassing is. Indien u in 2013 geen gebruik heeft gemaakt van deze regeling, kunt u er in 2015 nogmaals voor kiezen om deze 80% regeling toe te passen bij opname van het gehele resterende levenslooptegoed.

 

10)  Werkbonus

Met ingang van 1 januari 2015 vervalt de werkbonus voor werknemers tussen 61 en 64 jaar. Werknemers die op 1 januari 2015 ouder dan 61 jaar zijn kunnen nog steeds in aanmerking blijven komen voor deze heffingskorting.